Onlangs verscheen op RTL een indrukwekkend artikel over Isa. Zij kreeg met ernstige slaapproblemen te maken. Wat begon met een paar slechte nachten groeide uit tot een periode waarin ze bang werd voor de nacht. Ze lag uren wakker met paniek, hartkloppingen en het gevoel dat slapen haar niet meer lukte. Er zitten een aantal wijze lessen in het verhaal verstopt. Het leek mij de moeite waard om deze hieronder met je te delen.
Doorbreek de angst voor slecht slapen
-
Probeer de angst voor slecht slapen te doorbreken
Veel mensen met slaapproblemen herkennen dit: overdag maak je je al zorgen over de komende nacht. Juist die spanning kan het lichaam in een soort waakstand zetten. Slapen wordt dan moeilijker, waardoor de angst weer groeit. Een praktische tip is om jezelf eraan te herinneren dat een slechte nacht niet gevaarlijk is. Het lichaam kan verrassend goed omgaan met tijdelijke slaaptekorten.
Kijk verder dan de nacht
-
Kijk ook naar wat er overdag speelt
Slaapproblemen ontstaan vaak niet alleen door wat er ’s nachts gebeurt. Stress, spanning of overbelasting overdag kunnen een grote rol spelen. Vraag jezelf daarom af:
Heb ik de laatste tijd veel stress?
Ben ik constant ‘aan’ aan het staan?
Kom ik nog voldoende tot rust?
Soms ligt de oplossing voor beter slapen juist in het aanpassen van je dagen.
Herprogrammeer je bed als rustplek
-
Maak van je bed weer een plek voor rust
Wanneer je langere tijd slecht slaapt, kan je bed onbewust gekoppeld raken aan frustratie en piekeren. Een eenvoudige strategie die vaak helpt is:
Sta even op als je lang wakker ligt.
Doe iets rustigs bij gedimd licht.
Ga pas weer naar bed wanneer je slaperig wordt.
Zo kan je brein het bed opnieuw gaan associëren met ontspanning.
Stop met slaap forceren
-
Stop met proberen slaap te forceren
Veel mensen gaan juist harder hun best doen om te slapen wanneer het niet lukt. Maar slaap laat zich niet afdwingen. Hoe meer je probeert controle te houden, hoe meer spanning je creëert en hoe verder je de slaap als het ware wegduwt. Vaak helpt het juist om wakker liggen minder te bevechten en het te laten gebeuren. Probeer het simpelweg fijn te hebben met jezelf.
Minder meten, meer vertrouwen
-
Wees voorzichtig met het obsessief meten van slaap
Apps en slaaptrackers kunnen interessant zijn, maar voor sommige mensen zorgen ze juist voor extra stress. Als je elke ochtend controleert of je ‘goed genoeg’ hebt geslapen, kan dat de focus op slaap juist vergroten. Soms is het beter om minder te meten en meer te vertrouwen op hoe je je overdag voelt.
Zie slecht slapen als signaal
-
Zie een slechte nacht als een signaal, niet als een ramp
Af en toe slecht slapen hoort bij het leven. Soms gebeurt het spontaan, maar het kan ook een signaal zijn dat je lichaam meer rust nodig heeft of dat er iets speelt waar je aandacht aan moet geven. Door slecht slapen minder als een probleem en meer als ‘part of the deal’ of wellicht als signaal te zien, verdwijnt vaak al een deel van de spanning.
Tot slot: herstel begint klein
Het verhaal van Isa laat zien hoe snel slapeloosheid een vicieuze cirkel kan worden. Tegelijk laat het ook zien dat herstel mogelijk is wanneer die cirkel wordt doorbroken. Voor veel mensen begint dat niet met een ingewikkelde oplossing, maar met kleine veranderingen in hoe ze naar slaap kijken en ermee omgaan.

